In een gevarieerde zaal vol bestuurders, beleidsmakers, onderzoekers en vertegenwoordigers uit de publieke sector klonk maandag 3 november een duidelijk signaal: de overheid wil leren, reflecteren en eerlijker handelen. Met de officiële lancering van de Discriminatietoets Publieke Dienstverlening heeft Nederland nu voor het eerst een concreet instrument in handen om discriminatie binnen overheidsdienstverlening structureel aan te pakken. Tijdens de lancering stond één gemeenschappelijke overtuiging centraal: gelijke behandeling moet niet alleen een belofte zijn, maar een dagelijkse praktijk.
Commissievoorzitter Joyce Sylvester opende de bijeenkomst met een krachtige toespraak over de rol van de overheid in het doorbreken van discriminatie. Ze noemde de lancering ‘een historisch moment’. Want vanaf nu kunnen overheidsorganisaties in het hele land zelf aan de slag met het voorkomen van discriminatie en racisme. Sylvester: “De toets is geen verplichting, maar een uitnodiging aan de overheid en publieke dienstverleners om verantwoordelijkheid te nemen en volgens alle gronden van artikel 1 van de Grondwet gelijke behandeling in ons land te bevorderen.”
Met de Discriminatietoets Publieke Dienstverlening kunnen publieke dienstverleners sinds 3 november jongstleden hun eigen organisatie doorlichten op discriminatierisico’s en leren hoe zij die kunnen herkennen en aanpakken. “De gevolgen van discriminatie zijn namelijk ingrijpend en de maatschappelijke impact is groot. Naast financiële gevolgen ondervinden mensen schaamte, schuld en mentale schade”, benadrukte de commissievoorzitter.
Een spiegel die inzicht geeft
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Frank Rijkaart gaf ook aan: “Eén op de tien mensen in Nederland ervaart discriminatie, soms zelfs dagelijks. Daar moeten we ons van bewust zijn, niet alleen met woorden, maar vooral met daden.” Volgens hem moet juist de overheid het goede voorbeeld geven. “Daarvoor hebben we een spiegel zoals de discriminatietoets nodig. Een instrument dat niet beschuldigt, maar inzicht geeft en helpt verbeteren.” Samen met de Staatscommissie, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en publieke dienstverleners gaat minister Rijkaart aan de slag met een brede inbedding en begeleiding van organisaties, zodat de toets een vanzelfsprekend onderdeel wordt van de overheidspraktijk. “Zodat iedereen gelijk wordt behandeld, zonder uitzondering,” eindigde de minister zijn bijdrage, waarna hij samen met Joyce Sylvester de rode knop indrukte. Een klein gebaar met grote betekenis: hiermee werd de Discriminatietoets Publieke Dienstverlening officieel gelanceerd.
Koplopersgroep
Dagvoorzitter en beleidsmedewerker gelijke behandeling bij het ministerie van BZK, Stefano Frans, heette vervolgens de ‘koplopersgroep’ welkom op het podium. Dit zijn bestuurders van de elf organisaties die via een manifest hebben uitgesproken direct met de toets aan de slag te gaan. Wethouder Joëlle Gooijer (Delft) vertelde hoe haar gemeente de toets liever al vandaag dan morgen toepast. “We weten dat discriminatie soms onbedoeld plaatsvindt, maar ook dat het gebeurt”, vertelt ze de ruim honderd aanwezigen. “Deze toets past naadloos in ons net vasgestelde beleid Samen Thuis in Delft, waarin we concrete acties nemen om discriminatie tegen te gaan. Zo is er een meldpunt discriminatie en werken we aan antidiscriminatiebeleid. De Discriminatietoets vormt daarop een belangrijke aanvulling, die ons help om concreet risico’s op discriminatie zichtbaar te maken en te verbeteren.”
Zien wat je niet weet
Matthijs van den Berg, wethouder van een van de volgens eigen zeggen meest diverse gemeenten van Nederland, onderstreepte het belang van zelfreflectie. “We merken dat er veel polarisatie in gemeente Diemen plaatsvindt. Juist daarom willen we nagaan of er nog sluimerende vormen van discriminatie binnen onze eigen organisatie zijn. We kijken kritisch naar onszelf, zodat we ons blijven verbeteren en het beste kunnen doen voor onze inwoners.” Ook de private sector ziet de relevantie. Alex ten Cate, Head of Operational Design, Control & Resilience van ING vertelde waarom de bank het instrument omarmt: “We zijn geen publieke dienstverlener, maar voeren wel taken uit die van publiek belang zijn. Denk bijvoorbeeld aan het uitvoeren van de Sanctiewet. We willen daarbij niet dat klanten discriminatie ervaren. Toch doen zulke ervaringen zich wel eens voor, en door de Discriminatietoets te adopteren, hopen wij te kunnen zien wat we niet weten.”
Op de vraag hoe de Raad voor de Kinderbescherming de toets gaat toepassen, antwoordt Algemeen directeur Monique Schippers besluitvaardig: “Onlangs is bij ons onderzocht hoe onze medewerkers discriminatie ervaren en zijn onze adviezen, besluiten en beoordelingen cijfermatig geanalyseerd. Uit dit onderzoek bleek dat bij het onderdeel taakstraffen verschillen in uitkomsten spelen. Hoe kan het bijvoorbeeld dat Europese jongeren vaker hun taakstraf succesvol afronden dan niet-Europese jongeren? En naast analyseren, willen wij vooral anders gaan kijken en handelen. Ons doel is immers dat jongeren erop kunnen vertrouwen dat hun achtergrond of cultuur nooit bepaalt welke kansen of behandeling ze krijgen. De toets is hiermee voor ons een hulpmiddel om eerlijker, consequenter en duidelijker te werken.”
Ook gemeenten Arnhem, Amersfoort, Steenbergen, de eilanden Bonaire, Saba en Sint Eustatius, en Universiteit Utrecht ondertekenden het manifest.
Van motie naar beweging
In een levendig panelgesprek spraken voormalig Kamerleden Farid Azarkan en Michiel van Nispen over de politieke betekenis van de Discriminatietoets. Beiden stonden aan de wieg van de toets. Van Nispen diende zelfs een motie in – inmiddels aangenomen - die de regering verzoekt ervoor te zorgen dat de toets zal worden gebruikt en dat de minister daar regie voor neemt. Van Nispen: “De lessen van het toeslagenschandaal zijn duidelijk: dit kan morgen opnieuw gebeuren, tenzij we structureel beleid voeren tegen discriminatie. Deze toets is daar een belangrijk onderdeel van.” Azarkan voegde daaraan toe: “Eerlijke behandeling van mensen is niet alleen een onderwerp voor een staatscommissie, het is onze dagelijkse opdracht en verantwoordelijkheid.”
Volgens beiden ligt er een belangrijke rol voor de Kamer bij de verdere invoering van de toets. Kamerleden kunnen het kabinet regelmatig bevragen: hoeveel organisaties gebruiken de toets inmiddels, wat zijn de ervaringen, en wat kunnen we daarvan leren? Zo wordt gelijke behandeling vanzelf onderdeel van goed bestuur. Van Nispen: “Je gunt toch iedereen gelijke behandeling? Dan moet je er ook voor zorgen dat er geen discriminatie in publieke dienstverlening zit.” Azarkan: “Mensen eerlijk behandelen moeten we gewoon doen, elke dag. We lossen discriminatie en racisme in de dienstverlening morgen niet op, maar misschien wel voor de volgende generatie.” Volgens hem gaat het om een combinatie van het vinden van moed om door te gaan en de moeite die het kost: hij noemt het ‘de plek der moeite’. “Het zal soms schuren, maar verandering begint met consequenties in kaart brengen, volhouden en het gesprek blijven aangaan, zowel binnen lobbygroepen als in de media.”
Gelijkwaardig mensbeeld
In het slotpanel werd gesproken over de toekomst: hoe kan de Discriminatietoets óók de komende jaren effectief blijven? Domenica Ghidei Biidu, voormalig vicevoorzitter van ECRI en mensenrechtenjurist, wees op het belang van een lerende overheid: “Het gaat niet alleen om één afdeling waar de toets plaatsvindt, maar om hoe de hele organisatie hiervan leert. Wanneer er binnen een organisatie bijvoorbeeld sprake is van weerstand of angst om fouten te maken, kun je niet leren. Voor de Discriminatietoets zijn leiderschap, een gezonde organisatiecultuur, gezamenlijke verantwoordelijkheid en goed toezicht essentieel.”
Cora Smelik, bestuurslid van zowel het Kadaster als de RBB-groep, benadrukte de morele verantwoordelijkheid: “Laten we deze toets niet zien als een verplichting die wordt opgelegd, maar als een morele oproep en uitnodiging om samen te leren en te verbeteren. Vanuit onze eigen motivatie en artikel 1 van de Grondwet kunnen we aan de slag met onderzoeken wat past bij onze eigen praktijk en realiteit en daarbinnen toepassen.” Amersfoortse wethouder en VNG-commissielid (Participatie, Schuldhulpverlening en Integratie) Nadya Aboyaakoub-Akkouh haakt in op de woorden van Smelik: “We hebben ons in Nederland te verhouden tot een gelijkwaardig mensbeeld waarin ongelijke behandeling moet worden voorkomen. Daar hebben we wat in te doen. Als VNG staan we ervoor dat alle gemeenten een eerlijke kans krijgen om zich te manifesteren op dit gebied. Het draait om de kracht van samen, waarbij de portefeuille ‘mens’ van ons allemaal is. Gelijkwaardigheid moet ons als thema blijven raken. De tijd van praten is voorbij,” besluit ze.
Stap in de goede richting
Cemil Yilmaz, Managing Partner bij IZI Solutions, ziet in zijn werk dagelijks de impact van discriminatie. Vanuit zijn gesprekken met mensen die keer op keer met uitsluiting en ongelijkheid te maken krijgen, weet hij hoe diep die ervaringen ingrijpen. Over de Discriminatietoets zegt hij vanuit het panel: “Het is een stap in de goede richting, maar wat mij betreft is de volgende stap verplichting.” We hebben allemaal blinde vlekken, vaak onbewust, en dat begint steeds meer door te dringen. Nu is het tijd om te handelen, zodat het allereerste artikel van de Grondwet daadwerkelijk wordt gerealiseerd.” Volgens Yilmaz vergt dit deskundige begeleiding en onafhankelijke toetsing. “Als we dat niet doen, duurt het nog drie of vier generaties voordat we bereiken wat onze hoofdtaak zou moeten zijn.”
Noodzakelijk
De staatscommissie hoopt met de toets een noodzakelijke beweging in gang te zetten. “Het is positief om te zien dat zowel in Europees als Caribisch Nederland organisaties op verschillende niveaus aan de slag willen met de Discriminatietoets,” zegt Joyce Sylvester. “Het is niet langer de vraag óf er risico’s op discriminatie zijn, maar vooral waar die liggen en hoe dienstverleners hier effectief iets aan kunnen doen.”
Meer weten of interesse om de Discriminatietoets voor uw organisatie in te zetten? Ga naar: www.discriminatietoets.nl.
Foto's: Wiebe Kiestra




















